Zoekmotor  



Zoeken van A tot Z
Siteplan
U bevindt zich hier: FAVV > Beroepssectoren > Dierlijke productie > Dierengezondheid > Mond- en klauwzeer DE   •   FR   •   NL   •   EN  

Startpagina Over het FAVV Contact Beroepssectoren Autocontrole Checklists "Inspecties" Dierlijke productie Erkenningen, toelatingen en registratie Export naar derde landen Financiering van het FAVV Invoer derde landen Laboratoria Levensmiddelen Meldingsplicht Ombudsdienst voor de operatoren Plantaardige productie Wetgeving Zelfstandige dierenartsen Consumenten Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Publicaties Praktisch

 
 
   
Mond- en klauwzeer

     - Algemene maatregelen op veehouderijen met gevoelige dieren

     - Vervoer van dieren

    -  Maatregelen ivm reizigers aatregelen ivm reizigers


Actuele maatregelen

Algemene maatregelen op veehouderijen met gevoelige dieren

Bezoekers moeten bij het betreden en verlaten van het bedrijf steeds de volgende voorzorgen nemen:

  • gebruik van een ontsmettingsbad met een erkende biocide (ontsmettingsmiddel) bij  het betreden en verlaten van het bedrijf;
  • wassen van de handen bij het verlaten van het bedrijf;
  • gebruik van bedrijfskledij en laarzen;
  • reiniging en ontsmetting van de voorwerpen die in contact kwamen met de dieren.

Vervoer van dieren

Het vervoer van dieren voor handelsdoeleinden (naar andere beslagen, slachthuizen, veemarkten) mag alleen uitgevoerd worden door geregistreerde vervoerders en met vervoermiddelen waarvoor een vergunning is verkregen. Alle transportmiddelen moeten na ieder transport van evenhoevigen worden gereinigd en ontsmet.

De belangrijkste maatregelen zijn:

  • Elk transport van schapen, geiten en herten moet begeleid worden door een vervoersregister en een ontsmettingsregister.
  • Slachtvarkens mogen op één of meerdere bedrijven worden geladen en naar één slachthuis worden vervoerd.
  • Gebruiksvarkens mogen op één of meerdere bedrijven worden geladen en op één bedrijf van bestemming worden gelost.
  • Fokvarkens mogen op één bedrijf worden geladen, maar mogen gelost worden op meerdere bedrijven van bestemming.

Voor het transport van dieren naar slachthuizen zijn bovendien bijkomende voorwaarden van kracht. De belangrijkste daarvan zijn:

  • Geen enkel dier mag, eenmaal aangekomen op het terrein van een slachthuis, het slachthuis nog verlaten.
  • Ieder transportmiddel dat is gebruikt voor het vervoer van dieren naar het slachthuis moet gereinigd en ontsmet worden op het terrein van het slachthuis.
  • Ontsmettingsregisters moeten worden ingevuld en ondertekend door de dierenarts belast met de controle op de reiniging en ontsmetting in het slachthuis.
  • Voor transporten uit andere lidstaten of derde landen moet bij de controle op reiniging en ontsmetting een gezondmakingsdocument worden ingevuld. Een kopie hiervan wordt op het slachthuis bewaard.

Maatregelen i.v.m. reizigers

Om te vermijden dat er via etenswaren of producten van dierlijke oorsprong MKZ of andere epizoötische ziekten de EU zouden worden binnengebracht,  geldt er voor alle reizigers, die komen of terugkeren van landen buiten de Europese Unie, een algemeen verbod op het meebrengen daarvan. Er mogen slechts onder strenge voorwaarden bepaalde melk- en vleesproducten worden binnengebracht (beschikking 2002/995/EU), nl.:              

  • poedermelk voor zuigelingen, zuigelingenvoeding en voeding voor speciale medische doeleinden, op voorwaarde dat
  • het product niet gekoeld moet worden bewaard tot het tijdstip van consumptie,
  • het gaat om een verpakt merkproduct,
  • de verpakking ongeschonden is.
  • kleine hoeveelheden voor eigen gebruik mogen in de Europese Unie worden binnengebracht door reizigers komende van Groenland, de Faeröer, IJsland, Andorra, San Marino, Liechtenstein, Zwitserland, Estland, Litouwen, Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Slovenië, Roemenië, Bulgarije, Malta of Cyprus.
  • andere persoonlijke zendingen vlees, vleesproducten, melk of melkproducten, op voorwaarde dat:
    • de veterinaire diensten van het land waar u vandaan komt, de nodige documenten hebben verstrekt;
    • bij aankomst aan de grens van de EU de goederen samen met de documenten voor een veterinaire controle worden aangeboden


Wat is mond- en klauwzeer?

Symptomen en verloop van de ziekte

Mond- en klauwzeer (MKZ) is een uiterst besmettelijke virusziekte die voorkomt bij evenhoevigen, zoals runderen, varkens, schapen, geiten en wilde herkauwers. De mens is niet gevoelig voor de ziekte, evenmin als paarden, honden, katten en pluimvee. Het is een van de meest besmettelijke dierenziekten. Zonder controlemaatregelen kan de ziekte zich zeer snel verspreiden en kan ze praktisch alle dieren van de kudde aantasten. Voor volwassen dieren is een besmetting met MKZ meestal niet dodelijk, maar de ziekte veroorzaakt wel een blijvende productieverlaging. Bovendien kunnen deze dieren gedurende lange tijd drager worden van het virus en zo de besmetting nadien nog verderzetten. Jonge dieren sterven in veel gevallen.

Het virus heeft een grote weerstand en kan zo lang overleven in de buitenwereld.

MKZ wordt gekenmerkt door koorts, aften of blaasjes op de muil (tong, tandvlees, lippen) en op de poten (tussenklauwspleet, kroonranden). Aften kunnen ook voorkomen op de neusgaten, de snuit en de spenen. Bij het openbreken van de aften kunnen zweren ontstaan. De klinische ziektetekenen verschillen enigszins naargelang de aangetaste diersoorten.

Runderen

  • intens en draderig speekselen, lippen bewegen en met de tanden knarsen (door de aften in de muil);
  • manken en ter plaatse trappelen (door de aften op de hoeven);
  • aantasting van de spenen;
  • loomheid, slechte eetlust, koorts, daling van de melkproductie;
  • sterfte onder de kalveren (door aantasting van de hartspier).

Varkens

  • plots en hevig manken, het dier blijft liever liggen en kreunt bij het lopen;
  • blaasjes op de bovenste rand van de klauw op de grens van de hoorn en de huid (kroon), op de hielen en tussen de beide klauwen (tussenklauwspleet), als blaasjes de gehele bovenrand van de klauw innemen, kan de klauw loskomen;
  • blaasjes op de tong en op de snuit, die snel openbarsten.

Schapen en geiten

  • de letsels zijn meer diskreet en minder frequent zodat de ziekte dikwijls een verborgen karakter heeft;
  • plots manken, het dier ligt veel en wil niet opstaan, het neemt een halve zithouding aan, met de achterpoten gespreid naar voren, en het aarzelt om te lopen;
  • blaasjes op de hoef op de plaats waar de hoorn over gaat in de huid (kroon), de blaasjes kunnen zich verspreiden over bovenrand van de hoeven en tussen de klauwen (tussenklauwspleet), als de blaasjes openbarsten kan de hoorn loskomen van de onderliggende weefsels, het haar rond de hoef lijkt vochtig;
  • blaasjes in de mond ter hoogte van het tandvlees (tandboog) en soms op de tong.

Hertachtigen

  • de ziektetekenen zijn meer diffuus; reeën kunnen een ernstige vorm van de ziekte ontwikkelen en eraan sterven.
  • blaasjes in de mond;
  • letsels op de verbinding tussen hoef en huid (kroon) worden meestal niet opgemerkt.

 

De duur van de incubatieperiode wordt beïnvloed door de infectiedosis, de infectieweg en de geïnfecteerde diersoort. Ze varieert van 3 tot 15 dagen.

Foto’s met de meest markant letsels

Verspreiding

Het vocht van de blaasjes bevat zeer veel virus. Er kan ook virus worden aangetroffen in uitgeademde lucht, speeksel, melk, sperma, faeces en urine van besmette dieren. In de acute fase van de ziekte is het virus ook aanwezig in het bloed.

Dieren kunnen worden geïnfecteerd door direct of indirect contact met besmette dieren:

  • Direct contact door introductie van besmette dieren in niet besmette kuddes is de belangrijkste verspreidingsweg van MKZ, over korte zowel als langere afstand. Veetransporten over lange afstand, die in de huidige veehouderij sterk zijn ingeburgerd, kunnen immers een besmetting in luttele tijd over de landsgrenzen heen verplaatsen.
  • Veel uitbraken van MKZ vinden hun oorsprong in het illegaal voederen van niet gesteriliseerd keukenafval aan varkens. In dit keukenafval kunnen resten zitten van geïnfecteerde dierlijke producten, of vlees of beenderresten van geïnfecteerde dieren. Deze praktijk is uiteraard streng verboden.
  • Overdracht tussen dieren kan eveneens gebeuren door de inseminatie met besmet sperma. Overdracht via embryotransplantatie daarentegen is in de praktijk quasi uit te sluiten.
  • MKZ kan ook zeer gemakkelijk indirect worden verspreid door mechanische vectoren, vb. door besmette voertuigen en materialen, of door mensen via besmet schoeisel, besmette handen of kledij. Ook de meer de mens en dieren worden als vectoren beschouwd en kunnen het virus onbewust ronddragen. Zo is het voor mensen geweten, dat ze gedurende 2 à 3 dagen drager van het virus kunnen zijn in de keel- en neusholte, zonder symptomen te ontwikkelen. Het is niet duidelijk of een gevoelig dier op deze wijze kan worden besmet.
  • Aërosol, die viruspartikels bevat, kan onder de juiste omstandigheden door de wind kilometers ver worden verspreid. In praktijkomstandigheden speelt aërosol als virusbron evenwel vooral over korte afstand een rol. De hoeveelheid virus die in de lucht terechtkomt wordt mede bepaald door:
    • de diersoort: varkens scheiden via de lucht beduidend meer virus uit dan bijvoorbeeld runderen of kleine herkauwers; rundvee is dan weer omwille van de grote longinhoud en als meest gevoelige gastheer vatbaarder voor besmetting via inhalatie;
    • het stadium van de ziekte: aanzienlijke hoeveelheden kunnen reeds vrijkomen nog voor er klinische verschijnselen zijn, maar de grootste hoeveelheid wordt uitgescheiden tussen dag 4 en dag 7 na de infectie, op het moment dat de blaasjes openbreken.

Het virus kan bij koude, duisternis en beschermd door organisch materiaal (aarde, mest, stro, haren, leder) weken of maanden overleven. Het MKZ-virus wordt geïnactiveerd door zure ontsmettingsmiddelen en door hoge temperaturen.


Preventie en bestrijding
Omdat een besmetting met mond- en klauwzeer zulke ernstige gevolgen heeft, is alles er op gericht om insleep van het virus te voorkomen en om een eventuele besmetting snel op te sporen. Algemene preventieve maatregelen staan beschreven in de rubriek Preventie besmettelijke dierziekten . Als er onverhoopt toch een besmetting wordt geconstateerd, dan wordt eerst gedurende 72 uur een algehele standstill afgekondigd. In deze periode is alle vervoer van evenhoevigen en andere dieren, van dierlijke producten en van krengen verboden, ook verzamelingen van evenhoevigen zijn niet toegestaan. Verder bestaat de bestrijding uit het opsporen, reinigen en ontsmetten of vernietigen van dieren, dierlijke producten en materialen die (mogelijk) besmet zijn geraakt, het afbakenen van beschermingszones rondom de haarden, het instellen van vervoersbeperkingen.

Sinds 1991 wordt er in de Europese Unie niet meer tegen mond- en klauwzeer gevaccineerd. De redenen hiervoor zijn de belangen die de veehouderijsector heeft bij de status "vrij, zonder te vaccineren". Deze status betekent toegang tot een grote exportmarkt (o.a. VS, Japan). Daarnaast is preventieve vaccinatie een kostelijke operatie die jaarlijks herhaald moet worden. In geval van een uitbraak kunnen er, op basis van de huidige regelgeving, op beperkte schaal en onder welomschreven voorwaarden noodvaccinaties worden verricht.

De ziekte heeft vooral economische gevolgen. Naast de directe verliezen door de letsels (productiedaling, sterfte bij jonge dieren), kunnen de dieren virusdrager worden en een toekomstig potentieel risico betekenen. Dat impliceert de volledige commerciële afzondering van het aangetaste gebied, of zelfs land.

De ziekte bestaat nog in sommige gebieden van de wereld. Ze kan elders in besmettingsvrije gebieden opnieuw opsteken via al dan niet wettelijke handel in dieren of dierlijke producten. Bij de laatste in Europa geregistreerde ziektehaarden kwam het virus steeds uit besmette zones via dieren of dierlijke producten. Vanwege het risico op insleep van besmettelijke ziekten is het voederen van keukenafval (zowel van resten uit de eigen keuken als afval van grootkeukens) verboden.

De technische details van mond- en klauwzeer staan beschreven in de fact sheet .

Meldingsplicht

Mond- en klauwzeer is een besmettelijke ziekte met meldingsplicht. Elke verdenking moet dus onmiddellijk meegedeeld worden aan de provinciale controle-eenheid van het FAVV. Elk uitstel kan betekenen dat het virus zich verder, oncontroleerbaar verspreidt.

-------------------------------------------------------------------

 

 

 


 

Laastste update: 19.01.2010




Gebruiksvoorwaarden & disclaimer    |   Copyright © 2010 FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden.