| |
Er wordt een eerste onderscheid gemaakt tussen :
- de bedrijven die rechtstreeks aan de consument leveren (B2C of « business to consumer ») (bvb een kruidenier).
Deze bedrijven komen in aanmerking voor de versoepelingen indien ze met maximaal 5 voltijds equivalenten (FTE) werken en/of over een oppervlakte beschikken kleiner dan 400m² ;
- de bedrijven die aan andere bedrijven leveren (B2B of « business to business »).
Deze bedrijven komen uitsluitend in aanmerking voor de versoepelingen indien ze met maximaal 2 voltijds equivalenten (FTE) werken, ongeacht de oppervlakte.
Een tweede onderscheid wordt gemaakt tussen :
- de bedrijven die niet overgaan tot de verwerking van de producten.
Deze bedrijven genereren minder gevaar en moeten alleen voldoen aan de « goede hygiënepraktijken” (GHP). Het respecteren van de GHP omvat de naleving van eenvoudigere verplichtingen ivm infrastructuur, verpakking, transport, afvalbeheer, bestrijding van ongedierte, reiniging, waterkwaliteit, koude- en warmteketen, gezondheid en opleiding van het personeel, lichaamshygiëne,…
- de bedrijven die een verwerkingsactiviteit hebben (bvb. restaurants, slagers, traiteurs, bakkers, producenten van hoeveproducten,….).
Deze bedrijven moeten, naast de GHP, ook voldoen aan een reeks versoepelde HACCP-principes (Hasard Analysis Critical Control Points). Deze zijn niet verplicht om hun eigen gevarenanalysen uit te voeren : ze kunnen hiervoor de inhoud toepassen van de door het Agentschap goedgekeurde gids bestemd voor hun activiteitensector.
Bovendien dienen ze uitsluitend de non-conformiteiten te registreren en dienen ze de documenten slechts te bewaren tot 6 maanden na het verstrijken van de datum van minimale houdbaarheid of de uiterste verbruiksdatum of gedurende de standaardduur van 6 maanden
|